Essays 


(See down beloy for the English translation)

Spelen is

#1

Een druppel inkt valt op het lege vel. Er is nog geen woord
geschreven maar het verhaal is al begonnen. Inkt maakt
contact met het papier.

Dacht ik aanvankelijk dat ik ging schrijven over een vader en
een zoon waarvan de zoon de vader leerde hoe je
computerspelletjes moet spelen: ‘Maar pap het gaat niet om
het winnen, maar om het spel. Want als het spel is afgelopen,
vind ik er niets meer aan.’ De jongen overleed eerder dan de
vader en na de dood van de jongen kwamen zijn woorden pas
echt aan: alsof de jongen stierf om zijn vader te laten voelen
wat spelen is.

En zo vond ik steeds meer voorbeelden die over het spel gingen.

Uiteindelijk kom ik hier op uit:
daar waar ik woorden over elkaar heen kan laten buitelen ik
kan ze draaien ik kan ze omkeren ik kan ze zelf in een
volgorde zetten in een ritme in een cadans
lekker zonder komma’s gewoon want even zin in geen
komma’s ik kan je laten kijken naar omhoog kijk omhoog
en wat zie je daar ook geen vraagteken hier gewoon
lekker zonder ik kan je laten kijken naar opzij kijk opzij
ik kan je laten voelen ruik eens hoe dit boek ruikt hoe dit
papier voelt het gewicht ervan in je handpalm de beleving
van de letters in je mond

Ik kan jou een ervaring geven
door letters op papier te zetten
de pen ~ inkt hier
contact met jou daar.

#2

Jij lezer, ik schrijver, wij verbinden ons in inkt en daar waar
het begint te bewegen zijn we samen. Wij weten nog niet waar
het heengaat maar dat maakt niet uit,
híer is het spel.

Daar waar onze mondhoeken omhoog krullen
waar nieuwsgierigheid prikkelt, de zin
de spanning van mmmm willen weten
maar ook gewoon: hier is het goed
te rusten, kijk een punt, een punt

.

Rusten bij dit punt.
Een enter

Een witregel

We ademen.

We spelen,
het lichte overwint, het lichtvoetige, het frivole, het grijnzend
tuimelen,
het zeker niet oppervlakkige, want licht rust op donker en
donker op licht en samen dansen ze om elkaar heen zoals ik
ooit schreef in een Spaans gedicht.

En ja, je voelt, je weet: het is goed:
ontdekken, leven ~
leven is spelen en spelen is leven.
(Ademt diep in, ruikt)
De geur van water en blauwe regen
(Zojuist nog, zoet joh)
De roep van een merel
Zachte warmte op je wangen
Van hem die gelukkig elke keer weer
komt kijken, die gelukkig komt kijken.

#3

Spelen is voor mij wanneer er een pak melk omvalt en je glimlacht want de kringen - die slierten vocht die misschien wel over het aanrecht rollen - vormen zo’n mooie tekening die je weer aan het denken zet voor een mogelijke vorm die je nodig had. Om iets anders op te lossen. Die taart mislukt dus nooit, omdat leven circulair is. Alles komt uit alles voort en weer terug tot en met ontelbaar. De paraplu die ik eens vergat in de bus lag er nog steeds toen ik op de terugreis weer instapte. Bus 368 was eindeloos op weg naar het begin. Alles heeft zijn plek.

Spelen kent geen normen.

Ik wil over spelen schrijven en ik grijp naar een boekje dat ik laatst uitlas van een zenmeester, Eindeloos met zen beginnen. Ik deed er een paar jaar over om het uit te lezen, dan las ik weer een stukje en dan kwamen er weer nieuw leven en andere boeken tussendoor. En dan vond ik dit oranje boekje met appels als handzeeppompjes op de omslag weer ergens terug op een stapel en las ik verder. Ik zou het boek gewoon weer opnieuw kunnen lezen, eindeloos beginnen, want dat is wat we doen en wat het prachtig maakt.

Waarom intuïtief naar zen grijpen als ik over spelen wil schrijven? Omdat het denk ik één en één van hetzelfde is. Zoals Shunryu Suzuki schrijft (p. 143): ‘Je hoeft jezelf niet tot water drinken te dwingen als je dorst hebt; je drinkt het dan met plezier. (…) Als dat wat je doet uit niets-zijn voortkomt, is het natuurlijk en is het het ware doen. Dan heb je werkelijke vreugde in je oefening en de ware levensvreugde. (…) En we zeggen: shin ku myo u, “uit ware leegheid ontstaat het wonderlijke zijn”. Shin is “waar”; ku is “leegheid”; myo is “wonderbaarlijk”; u is “zijn”: uit ware leegheid, wonderbaarlijk zijn.’

Volgende ezelsoor (p.147): ‘Ieder van ons zal zijn eigen ware weg maken, en als we dat doen, zal deze weg een uitdrukking zijn van de universele weg. Dat is het geheim.’ En (p.116): ‘Jezelf spontaan zoals je bent uit te drukken, zonder jezelf op de een of andere kunstmatige manier aan te passen, is de belangrijkste manier om jezelf en anderen gelukkig te maken.’

Spelen is verrukkelijk.

Ik kan me herinneren dat ik mijn Playmobil- en Legopoppetjes uitstalde in de witte houten open kast op mijn kinderkamer alsof het een tentoonstelling was. Met je speelgoed kon je niet alleen bouwen zoals Mattel je voorschreef, maar ook een installatie maken! Van mijn oom leerde ik in die tijd dat je ook op de achterkant van sinaasappelpakken kon tekenen. En als kind ontdekte je de magie, kon je ineens letters achter elkaar zetten die woorden vormden die verhalen optuigden en ons in nieuwe werelden zogen.

We zijn onuitputtelijk, gemaakt van sterrenstof en sterrenstof is oneindig. We drukken ons steeds uit, opnieuw en opnieuw en opnieuw. We worden geboren uit het spel en zijn het spel.

Spelen is nieuwe werelden verwelkomen terwijl je bent. Je wordt niet, je bent. Je bent en je bent en je bent.

Ik onderzoek het spel. Ik pak er een Japans knutselboek bij dat op diezelfde kinderkamer lag, dertig jaar geleden. Het boek bestaat uit kartonnen kunstwerken die je zachtjes langs de stippellijnen kunt uitdrukken. Ik kan me de verrukking nog invoelen die de gever mij bracht door mij dit pakje te schenken. Dit boek was zo. mooi. Het was niet kinderachtig, nee, dit boek deed ertoe met zijn vormen en kleuren en de mogelijkheid om te transformeren tot iets dat nog niet was. Ik voelde mij ook serieus genomen, dat zoiets moois mij zowaar mocht toevallen. Ik bedoel, de gever had ook iets anders kunnen uitkiezen maar had bedacht dat dit tot mij kon spreken. Gericht geven is de ander zien. Eigenlijk vond ik het boek zo mooi dat ik er nauwelijks mee wilde spelen, anders zaten er straks nog gaten van uitgedrukt karton in de bladzijden. Ik beschermde het, net zoals je lievelingsstickers die je nauwelijks gebruikte.

Kan je ook spelen ervaren wanneer je die hele mooie jurk in de kast laat hangen? Moet ik die stickers plakken voordat het spel ervaren wordt? Iets koesteren lijkt me toch ook een vorm van spel. Maar dan wel door af en toe je bureaulade open te trekken om met je ogen langs vormen te gaan of met de palm van je hand langs de stoffen in je kast.

En nu dertig jaar later vind ik dat boek weer terug, woon ik op dertig vierkante meters maar heeft het boek de reductie van spullen overleefd. Is het meegereisd met tijd en ruimte, is het gekoesterd en wonderwel niet zoek geraakt, kwam het net als de paraplu in de bus weer naar me toe. Of was het nooit weg.

Ik wil uit het boek een vis vouwen. Om te ondervinden hoe dat voelt, spelen, zodat ik het kan verwoorden. Ik druk het dier enigszins haastig uit de pagina, ik wil deze ervaring even snel meemaken, ik wil het snel weten, het karton scheurt … en ik weet in ieder geval wat spelen niet is. Iets willen om daar te zijn.

Spelen is híer. Dáár vloeit voort uit hier. En ben je daar, ben je hier. Geen haast, want je bent er al.

Spelen heeft langzaam nodig. De langzaamste weg is de snelste.

Spelen is plezier en voor mij de lijstjes zonder eind die ik maak aan het begin van die ene quarantainetijd, met daarboven ‘wat doet er toe’, alles vanaf

Mijn Vulpen tot en met Kopje Thee,
van Bewegen tot Zonnestralen.
(En er staat nog zoveel tussen en daarna).

#4

Spelen is,

die levenspuls die gaat en buitelt zonder denken, is mijn hart
dat klopt, een onweerstaanbaar willen van leven, de glimlach
op mijn gezicht, die wij van binnen zien, ontstaan vanuit een
bron in een platonische grot, een wilde mix aan e=mc2 van
vuur en licht en bloemen,
een voortstuwen tot vlinders in mijn wangen,
mijn ogen glimmen, mijn aderen pompen, bloed
en al mijn cellen dansen, een eeuwige dans, de liefde stuwt en
brengt het spel, en wij, bats!
worden even opgetuigd, gecomponeerd als een verhaal van
plotpoints en vlezige round characters gepompt uit wat is
zijn wij spelen, geblazen als glas zijn wij
wezen dat nooit stopt,
cirkelen we mee.

En doven we uit worden we weer vuur en knetterend geluid en bloemen.

Als dat geen spelen is.


From: the book PLAY (2020)
Book of: Eva Veldhoen
Design by: Marjolein Heije
For purchase

Nominated for Paris Photo–Aperture PhotoBook Awards 2021
 


︎ info@hannahaukes.com | ︎ 0031(6)42216346 | ︎ newsletter | ︎ website: © Hannah Aukes 2022 | profile ︎: Geertje van Odijk | general conditions | privacy & cookies